Regeling Leerlingenvervoer blijft vragen oproepen

15 oktober 2019

Op 8 oktober jl. verstuurde het college een Raadsinformatiebrief over het leerlingenvervoer van/naar de Talententuin. Aangegeven wordt dat de eerder gemaakte afspraak met MosaLira is teruggedraaid en er wordt uiteen gezet hoe het leerlingenvervoer met ingang van 1 augustus 2019 is geregeld.
De PvdA-fractie is bijzonder geschrokken van en ontstemd over het besluit en de berichtgeving daarover. Te meer omdat bij de behandeling van het Beleidskader Jeugdhulp Zuid-Limburg de wethouder aangaf dat het leerlingenvervoer gewaarborgd moest blijven en de zorgen van sommige fracties over de ontwikkelingen van het leerlingenvervoer met name voor jongere kinderen leken te worden gedeeld.
Wij constateren nu dat vooral de groep kinderen onder 9 jaar die niet langer in aanmerking komt voor een voorziening nu – mogelijk letterlijk – in de kou komt te staan. Maren Slangen stelde daarom de volgende vragen aan het college:

1. Het leerlingenvervoer is een openeindregeling. Kunt u het huidig tekort van €300.000,00 toelichten?

2. Hoe kan MosaLira een gemaakte afspraak inzake leerlingenvervoer zomaar terugdraaien en u met de rekening ‘laten zitten’? Het is niet de eerste keer dat door een draai van dit schoolbestuur de gemeente voor onaangename verrassingen komt te staan.

3. Kunt u gedetailleerd uitleggen hoe de voorgenomen besparing van €60.000,00 is opgebouwd?

4. Hoe groot is de groep leerlingen voor wie er niets wijzigt in de vervoersvoorziening (de groep benoemd in de eerste bullet van uw RIB)?

5. Leerlingen die in dit schooljaar (peildatum 1/08/2019) jonger dan 9 jaar zijn “behouden vooralsnog hun afspraak op door de gemeente georganiseerd vervoer”. Betekent dit dat het voor die leerlingen volgend schooljaar ook weer kan veranderen? Bent u het met ons eens dat “vooralsnog” geen zekerheid en dus gerustheid bij ouders en hun kinderen oplevert?

6. Leerlingen die jonger zijn dan 9 jaar en vanaf 1 januari 2020 voor het eerst gebruik gaan maken van het leerlingenvervoer kunnen geen aanspraak maken op taxi/schoolbus, maar wel op openbaar vervoer/vergoeding voor een fiets. Klopt onze aanname dat dus U zegt dat een 4- of 5-jarige straks maar zelf – of met begeleiding – met de bus of fiets naar school moet gaan? Waarom bent u van mening dat voor een 4- of 5-jarige dezelfde ‘regels’ zouden kunnen gelden als voor een 10- of 11-jarige?

7. Ouders kunnen een tegemoetkoming voor het gebruik van eigen vervoer ontvangen, aanvragen hiervoor worden “ruimhartig” beoordeeld. Mogelijk zullen n.a.v. de aangekondigde veranderingen meer ouders zo’n aanvraag indienen. Denkt u niet dat

zo’n ruimhartig beleid mogelijk niet juist tot hogere kosten aan vergoedingen leidt dan het gemeentelijk organiseren van taxivervoer of een schoolbus?

8. Daarnaast kunnen ouders aanspraak maken op door de gemeente georganiseerd vervoer wanneer zij kunnen aantonen dat het begeleiden van hun kinderen leidt tot een onevenredige benadeling van het gezin. Hoe groot schat u de groep ouders voor wiens kinderen het georganiseerd vervoer nu komt te vervallen, die alsnog aanspraak maakt op georganiseerd vervoer op basis van bovenstaande voorziening in de verordening?

9. Wanneer meer leerlingen uiteindelijk gebruik zullen maken van het openbaar vervoer of de fiets om op school te komen, bent u dan niet ook van mening dat de situatie rondom bijvoorbeeld bushaltes of de fietsroutes richting de school een kritische evaluatie verdienen alvorens deze groep leerlingen op pad te sturen?

10. Kunt u toelichten hoe u deze verandering ziet in het licht van de nog vast te stellen gemeentelijke onderwijsvisie, en uw eigen visie op passend onderwijs/inclusie?